Categories opinie & debat

Concurrentie als cultuur

Ondernemerschap is in schrale tijden ogenschijnlijk het medicijn tegen alle pijn. Dat heeft ook de staatssecretaris van Cultuur bedacht. Een fikse bezuiniging op het totale budget van 25 procent was het vertrekpunt. Er is geen principiële reden om dat bezwaarlijk te vinden. Sterker nog, elk bedrijf moet met regelmaat bezien of het met minder niet veel beter kan. De aangekondigde ‘kaalslag op de cultuur’ was hoe dan ook voorbarig, een reflex van culturele misantropen. Maandag bracht de Raad voor Cultuur haar advies uit over welke instelling wel of geen subsidie krijgt en zo ja hoeveel. De vorige voorzitter van de raad wilde er niet aan geloven dus wisselde de staatssecretaris halverwege de rit van paard en spande oud VARA én Veronica coryfee Joop Daalmeijer voor de kar. Dat leidde tot verrassende inzichten. Op pad gestuurd om zich ondernemender op te stellen hebben alle subsidieaanvragers zich gebogen over zaken als concurrentie, groei en marketing. Dat ook dat zo zijn beperkingen heeft is evident. Daalmeijer zegt daarover dat in sommige steden elke inwoner bijna elke avond in de schouwburg moet zitten om alle groeicijfers te realiseren. Dat kan natuurlijk niet. “Er is een hoog, soms onrealistisch hoog ingezet als het om prognose en verwachtingen gaat,” aldus de Raad voor Cultuur. Dat is les 1 in marketing. We moeten allemaal eten, maar dineren niet drie keer op een dag.

Moeilijker wordt het als je moet concurreren, maar het mag niet op kwaliteit. Dat overkomt het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Het orkest is bezig aan een dijk van een internationale opmars onder de creatieve leiding van de Canadees Yannick Nézet-Séguin en zijn zakelijk directeur Hans Waege uit Vlaanderen. Toptalent in een wereldwijde concurrentie van orkesten die in de allermooiste concertgebouwen van de wereld mogen en willen spelen. Daar is creatieve en zakelijke concurrentie de genetische code van de leiding en natuurlijk de artiesten zelf. En zo hoort het ook, het is de enige manier om te overleven. Zorgen dat je de beste bent en ongelimiteerd blijven investeren in talent. En, niet onbelangrijk, zelf bepalen wat je speelveld is. Maar wat zegt de Raad voor Cultuur? Dat is allemaal goed en wel maar u staat op gepaste afstand van het Concertgebouworkest en dat moet eigenlijk zo blijven. Eén orkest dat zich buiten de provinciegrenzen van Nederland manifesteert is wel genoeg, zo redeneert de Raad. Ineens is niet concurrentie de norm, maar weet de staat wat u het mooist vindt. Dat is gek. Dat Ajax en Feyenoord vragen in de voetbalcompetitie mee te doen, maar vooraf vastleggen wie er kampioen gaat worden. KPN en Vodafone toelaten in de markt, maar de één verbieden de ander in te halen met betere producten en diensten. De staatssecretaris heeft al aangegeven bijna alle adviezen over te nemen, maar niet allemaal. Dat lijkt in dit geval verstandig. In elk geval is het interessant de Nederlandse Mededingingsautoriteit naar deze opgelegde concurrentievervalsing te laten kijken. Het is en blijft dezelfde Staat der Nederlanden die culturele instellingen die zij subsidieert vraagt zich ondernemender op te stellen, maar wel discrimineert wie dat in welke mate mag doen. Concurrentie als cultuur sluit je uit met staatsmonopolies. Niet doen dus.

De column “Concurrentie als cultuur” verscheen in Trouw op vrijdag 25 mei 2012.

Share