Categories opinie & debat

We staan allemaal op de tocht

Dus je slaat iemand dood die naar jouw idee niet adequaat leiding gaf aan de wedstrijd. Het is absurd, wanstaltig en deerniswekkend bovendien. In de directiekamers gebeurt dit ook, zij het nog niet bewezen met dito afloop. De directeur van een bank in moeilijkheden legt zijn functie neer vanwege verwensingen en serieuze bedreigingen. Zelf zit ik midden in de ronde van beoordelingsgesprekken die je voert als bestuurder en toezichthouder. De zogenaamde eindejaarsgesprekken. Dat was lange tijd een feest. Eigenlijk kregen mensen in december drie keer een cadeau; met sinterklaas, met kerst en de bonus en/of opslag in het beoordelingsgesprek. Andere tijden zijn aangebroken. Of zoals een bevriende bankier het van de week zei: we staan toch allemaal op de tocht.

Drie voorbeelden: Een medewerker met een jaarcontract dat expireert per einde jaar. Na een zorgvuldige afweging wordt vastgesteld dat een nieuw contract er niet in zit. De eerlijkheid gebiedt dat in de hoogconjunctuur het waarschijnlijk wel was gebeurd. Maar de combinatie van een krimpende markt en twijfels aan zijn kwaliteit doen het besluit negatief uitslaan. Vervelend voor de medewerker, verstandig van de werkgever. Wat volgt is een epistel waar de honden geen brood van lusten, terwijl tot op de dag van nu de werkrelatie en de leiding als goed en inspirerend werd ervaren.

In een bedrijf waar ik commissaris ben wordt een directeur ontslagen van zijn functie en verantwoordelijkheden. Er is gehandeld in strijd met de interne gedragsregels. Binnen veertien dagen wordt de zaak afgehandeld, over en weer. De directeur weet dat hij fout zit. De commissarissen zijn er om goed toezicht te houden en te handelen indien nodig. En zo geschiedde. Nu, na maanden klimt de gewezen directeur alsnog in de pen om zijn gelijk te halen. Er wordt geslagen en geschopt, zij het in de ring door advocaten.

Tenslotte is er een medewerkster die na tien jaar trouwe dienst besluit de onderneming te verlaten. Er wordt keurig afgesproken per wanneer en wat er over en weer nog van elkaar verwacht wordt. Nu de vertrekdatum nadert en er nog geen zicht op vervangend werk is krijg ik het verzoek of ik haar niet alsnog kan ontslaan. Dat zou recht geven op een uitkering. Nu ik daar om principiële reden niet in bewillig deugde er al jaren niets van mijn manier van leiding geven. Het is hier te kort en daar te breed. Dit terwijl er van tien jaar op rij gespreksverslagen zijn van een enthousiaste medewerkster inclusief bevestigingen van bonusuitkeringen en salarisverhogingen. Het kan verkeren.

We hebben het keerpunt in de economie nog niet bereikt hoewel de beurs zich redelijk ontwikkeld. Het consumentenvertrouwen is nog immer laag en de impact van de kabinetsmaatregelen voor de komende jaren doen velen nog het ergste vrezen. Maar los daarvan hebben we een ander probleem, de erosie van gezag. Leidinggevenden doen er goed aan niet alleen te geven, maar ook te nemen en wel de leiding. In de transparantie mode van de afgelopen tijd vond er een herijking plaats van de macht en invloed. Op zich is dat prima, maar soms lijkt er op dat we het verschil tussen werkgevers en werknemers niet meer weten. Evenmin het verschil tussen aandeelhouders en directie. Als je verantwoordelijkheid draagt,  pak die dan. Of je nu op de tocht staat of niet.

De column “We staan allemaal op de tocht” verscheen in Trouw op vrijdag 7 december 2012.

Share